Ze was geen vrouw van grote woorden, maar van stille daden.
Mijn oma met haar handen vol verhalen en haar ogen vol wijsheid.
Oma vertelde me eens dat ze op ongeveer elfjarige leeftijd met haar zussen en een kinderwagen vol met zelfgemaakte bustehouders de stad verliet, naar de boeren toe, om ruilhandel te voeren met boerinnen. Zo kwamen ze aan voedsel tijdens de oorlog. Ze moesten zich weleens verschuilen voor de soldaten.
Oma en opa samen was magie. Oma was een sterke vrouw en opa droeg haar op handen en voeten. Het werkte precies. Negen kinderen hebben ze op de wereld gezet. Mijn broertje en ik waren eigenlijk het tiende en elfde kind gezien onze vader overleed en wij in onze vroege jeugd veel bij opa en oma waren.
Van oma leerde ik zoveel wijze lessen. Dat liefde niet schreeuwt, dat zorg in kleine gebaren zit. Dat er schoonheid zit in routine, en dat stilte soms meer zegt dan woorden.
Soms herken ik haar in mezelf, in het rebelse, in leiderschap. Ik denk vaak terug aan mijn oma en opa. Met alleen maar liefde en dankbaarheid.